“Lach eens, dan zie je er leuker uit”

Het klinkt bijna vriendelijk. Tot je beseft dat het geen vraag is, maar een aanspraak.

Ik liep laatst door de stad. Oortjes in, tas om mijn schouder en mijn gedachtes waren bij het avondeten, “wat ga ik koken voor mijn huisgenoten?” en “ik moet wel opschieten want mijn huisgenoten moeten weer op tijd weg”. Tot ik door mijn muziek heen een fluitje hoorde. Je kent ‘m wel. Dat geluid dat niet bedoeld is om je aandacht te trekken, maar om je even te laten weten: jij wordt gezien. Niet als persoon, maar als iets anders.

Het gekke is: niemand leert je hoe je daarop moet reageren. Het verschilt ook per situatie maar loop je door? Lach je? Zeg je er wat van? Elke optie voelt verkeerd want ik wil er zelf geen aandacht aan besteden. Dat is misschien wel het meest frustrerende aan catcalling, het legt de verantwoordelijkheid bij degene die het ondergaat, niet bij degene die het doet.

Voor de één is het “maar een compliment”. Voor de ander is het een moment waarop je ineens bewust wordt van je omgeving. Van wie er achter je loopt. Van hoe donker het eigenlijk al is. Van het feit dat je je sleutels net iets steviger vastpakt.

En ja, er zijn ergere dingen in de wereld. Maar dat maakt dit niet minder relevant. Want het zit ‘m juist in die herhaling. In het feit dat het niet één keer gebeurt, maar vaker. Kleine momenten die zich opstapelen tot iets groters, een gevoel van onveiligheid dat je niet altijd kunt uitleggen, maar wel altijd meedraagt.

Wat me misschien nog het meest stoort, is hoe normaal het is geworden. Alsof het erbij hoort. Alsof het een soort achtergrondgeluid is van de stad. Net als verkeer of muziek uit een openstaand raam.

Maar stel je eens voor dat we datzelfde gedrag zouden normaliseren in een andere context. Op school. Op werk. Ineens voelt het ongemakkelijk, ongepast, misschien zelfs absurd. Waarom accepteren we het dan wel op straat?

Misschien omdat het vluchtig is. Omdat niemand blijft hangen om verantwoordelijkheid te nemen. Omdat het dan makkelijk is om iets te roepen en door te lopen.